Jongens waren we…

Jongens waren we – maar aardige jongens. Al zeg ik ‘t zelf.
De beroemde openingszin van Nescio’s Titaantjes.
In het Oosterpark zijn de jongens vereeuwigd.

Wij waren boven de wereld en de wereld was boven ons en drukte zwaar op ons. Wij waren arm. Bekker en ik moesten ‘t grootste deel van onzen tijd op kantoor doorbrengen en doen wat die heeren zeiden en hun domme opinies aanhooren. (…)
O, wij namen wraak, wij leerden talen, waarvan zij de namen nooit gehoord hebben en wij lazen boeken waar zij niets van konden begrijpen, wij doorleefden gevoelens waarvan zij het bestaan niet vermoedden. ‘s Zondags liepen wij uren en uren ver over wegen, waar zij nooit kwamen, en op kantoor dachten wij aan de slootjes en de weilanden die wij gezien hadden en terwijl de heeren ons bevalen dingen te doen waarvan wij ‘t nut niet begrepen, dachten wij er aan hoe Zondagavond de zon was ondergegaan achter Abcoû.” (hoofdstuk 2)

Hans Bayens maakte het beeld als eerbetoon aan Nescio, pseudoniem van Jan Hendrik Frederik Grönloh (1882-1961). De jongens Bavink, Hoyer en Koekebakker hangend op een bankje die het Oosterpark overzien. Ze bekijken net zoals hun bedenker de personen die door het park lopen. Het oorspronkelijke beeld, door Grönlohs weduwe onthuld in 1971, werd in 1985 gestolen, maar in 1988 werd een nieuw afgietsel geplaatst.

Beelden van Kees Verkade

Vandaag werd bekend dat Kees Verkade is overleden, beeldend kunstenaar.
Ik ken één lezend beeldje van hem, het lezertje, in Boekhandel De Vries Van Stockum in Haarlem. Hij is vooral bekend geworden van zijn beelden van bekende Nederlanders. Zo heeft hij ook enkele schrijvers in brons gegoten, zoals Couperus.

‘Zoo ik iets ben, ben ik een Hagenaar.’ Louis Couperus 1863 – 1923.
Beeld staat op het Lange Voorhout in Den Haag, gemaakt in 1998.

Alles TO GO tijdens de lockdown

Overal en nergens kun je nu koffie, thee en andere dranken afhalen, eventueel aangekleed met koek, cake, taart of een tosti. Als het maar TO GO is. Meestal met grote letters op een stoepbord gekrijt.
Deze aankondiging van Koffie afhalen vond ik wel een mooie vondst.

Gespot in Amsterdam, tHuis aan de Amstel, Park Somerlust.

Anderhalve meter maatschappij

De dames Wolff en Deken houden hier geen anderhalve meter afstand. Een mondkapje is daarom wel vereist.

Betje Wolff en Aagje Deken zijn mijn muzen. Dit was het eerste standbeeld dat ik fotografeerde voor een cursus portretfotografie. Daarna heb ik ze vaker op de de foto gezet, bij felle zon, met herfsttinten op de achtergrond of met ijs op de Amstel. Maar ze hebben nooit eerder op m’n blog gestaan. Aan hen de eer om als eerste met mondkapjes in het blog te komen.
Het beeld is van Hans Bayens en staat in Nes aan de Amstel.

Tegenlicht

Het is een van de ‘regels’ in de fotografie: fotografeer niet met tegenlicht. Maar soms levert tegenlicht wel mooie plaatjes op.

(Beroemd) beeld met boek

Vandaag zijn alle ogen gericht op de Amerikaanse verkiezingen. Wordt het Trump of Biden? Deze beroemde dame zal het allemaal niet veel uitmaken. Welke president er ook gekozen wordt, zij blijft wel staan. Al staat ze hier niet in New York, maar in ons eigen Amsterdam, op de Prins Hendrikkade.

Omdat ze een boek in haar hand heeft, mag ze vandaag op mijn blog staan. De titel van haar boek: 4 juli 1775.

Bommel in Bommel

Het is een beetje vergezocht, want wat heeft Ollie B. Bommel te maken met het plaatsje Bommel? Niets eigenlijk. Marten Toonder komt er niet vandaan. De verhalen spelen zich daar niet af. Alleen de naam. En daarom staat Bommel in Bommel.

Heer Olivier B. Bommel, Koningin Emmaplein, Den Bommel.
Het oorspronkelijke beeld, van beeldhouwer André Henderickx uit 1964, was van chamotteklei.
Toen de broer van de beeldhouwer jaren later zag dat het beeld was vervallen, besloot hij het te vervangen door een beeld van brons. Om de benodigde fondsen te werven richtte hij het Genootschap Heren van Stand op. In 1997 werd het bronzen beeld onthuld. Het oude beeld bleef in Den Bommel en het staat in de openbare basisschool Ollie B. Bommel.